Viersen/ Venlo, 06 augustus 2020

Onze gebouwde omgeving beïnvloedt ons – een feit dat door tal van wetenschappelijke studies wordt bewezen. Bewust of onbewust: wat we zien, ruiken en voelen heeft een direct effect op ons welzijn en op onze gezondheid. Beide kunnen positief worden beïnvloed door de juiste bouwplanning of het juiste ruimteontwerp. Harmonisch design en kleurenschema’s, doordachte materiaalkeuze, passende verlichting, goede ventilatie en geluidsreductie – allemaal middelen die u kunt gebruiken om een gezonde of gezondheidsbevorderende omgeving te creëren.

De grondlegger van de moderne westerse verpleging, Florence Nightingale, was zich hiervan al bewust en eiste al in de 19e eeuw meer ramen, frisse lucht en minder lawaai voor ziekenhuispatiënten. Maar de moderne architectuurpsychologie houdt zich ook bezig met deze vragen. Zo observeerde de Amerikaanse onderzoeker Roger Ulrich in 1984 twee groepen patiënten na een operatie. De ene groep lag in patiëntenkamers met uitzicht op de muur van een gebouw, terwijl de andere groep naar de natuur kon kijken. Het resultaat was duidelijk: de patiënten van de tweede groep hadden aantoonbaar minder pijnstillers nodig, ze hadden minder last van complicaties, hadden minder last van negatieve stemmingen en konden de kliniek na een kortere periode van verblijf verlaten.

De effecten van de zogenaamde “Healing Architecture” zijn inmiddels bewezen in verdere studies. Tot op heden zijn er wereldwijd ongeveer duizend studies die kunnen aantonen dat het milieu ook een positieve invloed heeft op het genezingsproces. Zo daalt uw bloeddruk, daalt uw hartslag en voelt u minder stress. Ook de TU Berlijn doet al enkele jaren onderzoek naar dit onderwerp.

Maar ook bij gezonde mensen is een doordacht gebouw en ruimteontwerp effectief. Een van de middelen om dit te bereiken is het zogenaamde “Biophilic Design”. De “liefde voor de levenden” beschrijft onze aangeboren behoefte aan contact met de natuur. Het innovatieve concept gaat over de mogelijkheden om mensen te verbinden met de natuur, ook in gebouwen en kamers, door het creëren van een natuurlijke of een bijna-natuurlijke leef- en werkomgeving. We brengen immers meer dan 90% van onze tijd door in gebouwen en hebben dus maar beperkt contact met onze natuurlijke omgeving. En zelfs kleine maatregelen, in bestaande gebouwen, kunnen veel bereiken en ons welzijn en onze creativiteit vergroten, ons tevredener en uiteindelijk productiever maken.

Het in Krefeld gevestigde bedrijf Interface Deutschland GmbH laat zien hoe dit er in de praktijk uit kan zien. Wil je er meer over weten? Klik hier.

Foto: Anastasia Araktsidou

Venlo/ Viersen, 23 juli 2020

Eén van de belangrijkste indicatoren van een gezond gebouw is een gezond binnenklimaat. Vervuilde lucht heeft namelijk een groot negatief effect op de menselijke gezondheid.  Maar hoe zorgt u voor een gezond binnenklimaat? En wat houdt een gezond binnenklimaat nou precies in? Recent zijn er via het Healthy Building Network een aantal blogs geschreven over dit onderwerp. Deze zijn hieronder voor u gebundeld!


Foto: via Pexels

Viersen/ Venlo, 21 juli 2020

Gezonde scholen zijn eerste levensbehoefte!

Scholen zijn de gebouwen waar onze kinderen en kleinkinderen leren. Zich ontwikkelen. Een basis leggen voor de gezondheid van hun lijf, brein en empathisch vermogen voor hun verder leven. Hoezo belangrijk? Een eerste levensbehoefte!

In het Healthy Building Network doen we van alles om gezonde gebouwen realiteit te laten worden. Onderzoek door de Universiteit van Maastricht geeft ons de wetenschappelijke basis. De vele contactmomenten tussen overheid, private bedrijven en educatieve instellingen jagen innovatie aan en zorgen ervoor dat de gezonde gebouwen er daadwerkelijk komen.

In dit artikel wil ik graag duidelijk maken waarom we voor gezonde scholen moeten kiezen en hoe we die schoolgebouwen kunnen realiseren. Het begint allemaal met mensen die beseffen dat het omgevingsklimaat binnen in een gebouw belangrijk is. Dat onze kinderen een gezonde school nodig hebben om zich goed te kunnen ontwikkelen. Dat de generatie van de toekomst een gezond schoolgebouw verdient! Wij kunnen daar met z’n allen voor zorgen. Wat ga jij doen?

Waarom een gezond schoolgebouw?

In Europa en Amerika besteden mensen ongeveer 90% van hun tijd binnen een gebouw door. We wonen in een huis, we werken in een gebouw en onze kinderen krijgen in een gebouw hun lessen. Dit betekent nogal wat voor de blootstelling aan ongezonde lucht.

Onderzoeken tonen aan dat de concentraties van vervuilende stoffen (gassen, fijnstof, etc.) soms tot 5 keer hoger is in een binnenklimaat dan in de buitenlucht. En de mensen die extra kwetsbaar zijn voor de negatieve effecten van vervuiling (kinderen, oudere mensen, zieke mensen) spenderen vaak nog meer tijd binnenshuis.

Helaas worden de concentraties van vervuilende stoffen de laatste jaren alleen maar hoger. We bouwen energie-efficiënt, zorgen voor weinig ventilatie of onderhouden de filters niet goed. En we passen materialen toe die de lucht ernstig kunnen vervuilen. Denk aan schoonmaakmiddelen, synthetische bouwmaterialen, lijmen en verven, kunstmatige luchtverfrissers, brandvertragers in meubilair, etc.

Deze factoren spelen in al onze gebouwen. Maar als we bedenken dat vuile lucht zonder goede ventilatie in de onderste meter van een gebouw blijft hangen, dan kunnen we op onze vingers natellen wat dat voor onze kinderen betekent.

Ademen is noodzaak, maar op deze manier geen positieve factor voor gezondheid.

Verhuizen naar een gezond gebouw

In een onderzoek van de Universiteit van Maastricht, Moving to Productivity, is geconstateerd dat verhuizen naar een gezond gebouw zorgt voor 42% minder sick-building gerelateerde klachten. Laten we eens bedenken wat dit zou betekenen voor schoolkinderen. Gezondheidsnet schrijft het volgende over het sick-building syndroom:

“Het sick building syndroom kan leiden tot klachten als hoofdpijn, droge ogen, keelpijn, droge huid, vermoeidheid, gebrek aan concentratie en een gevoel van duizeligheid. De slechte luchtkwaliteit kan bovendien astma en allergieën verergeren. Bij onderzoek door de GGD’s voor het project Binnenmilieu Basisscholen bleek dat bedompte lucht in de klas de leerprestaties van leerlingen aantoonbaar vermindert.”

Dus wat kunnen we bereiken als schoolkinderen kunnen verhuizen naar een gezond gebouw?

  • Bijdrage aan de gezondheid van kinderen
  • Minder last van luchtwegklachten zoals astma
  • Betere concentratie
  • Minder stress voor leerkrachten, die gemakkelijker orde kunnen houden
  • Betere leerprestaties

Laten we dat met z’n allen belangrijk vinden!

Om de effecten van een gezond gebouw op de prestaties van schoolkinderen te kwantificeren, doet de Universiteit van Maastricht onderzoek. Meer dan 10,000 kinderen worden gedurende 5 jaar gevolgd om de conclusies te valideren. Sensoren meten allerlei factoren in de klaslokalen. De opzet van het onderzoek ‘Indoor Environmental Quality and Learning Outcomes’ is open beschikbaar.

Een gezonde school, kan dat?

Dat een gezond schoolgebouw helemaal niet zo moeilijk is bewijst basisschool de Zuidstroom in Venlo. Er stroomt voortdurend gezuiverde lucht van de juiste temperatuur binnen. Op de vloer ligt C2C-gecertificeerd tapijt dat fijnstof vasthoudt. Kinderen worden voorbereid op een gezonde toekomst voor henzelf en de omgeving.

Een aantal belangrijke zaken die in een gezond schoolgebouw worden meegenomen, zijn:

  • Voldoende ventilatie, bijvoorbeeld termietventilatie die luchtstromen op een natuurlijke manier door de gebouwen leidt, zodat zo min mogelijk energie nodig is voor installaties
  • Gezonde, veilige materialen met zo min mogelijk chemische emissies
  • Planten en water om binnenklimaat te beïnvloeden
  • Grote ramen voor voldoende daglicht, met zonwering voor hittebeperking
  • Ramen die open kunnen voor verse luchttoevoer
  • Akoestische maatregelen, zoals absorberend systeemplafond, absorberende wanden en schermen, planten en andere materialen
  • Harmonieuze verhoudingen en vormen
  • Actief ontwerp, zodat de kinderen worden aangemoedigd te bewegen
  • Diversiteit in materialen, texturen, vormen en kleuren

Financiële haalbaarheid

De grote mythe is dat gezond bouwen duur bouwen is. Dat is niet waar. De startinvestering kan iets duurder zijn, hoewel het in de meeste gevallen echt heel erg meevalt. En als we alle scheidingen tussen potjes geld weghalen, zal de eindafrekening snel zwarte cijfers schrijven.

Verschillende elementen hebben invloed op de financiële haalbaarheid waar tot nu toe nog niet zo over wordt nagedacht.

  • De eigenaar van een gezond gebouw hoeft geen eigenaar te zijn van alle materialen en inventaris. Dat betekent minder onderhoudskosten, goede restwaarde en een goed doordacht product door de producent die verantwoordelijk blijft voor het gebruik en verbruik (bijvoorbeeld energie) van zijn producten
  • Vervolgkosten van slechte leerprestaties zijn wellicht nog niet goed kwantificeerbaar op dit moment, maar wel degelijk aanwezig en logischerwijs kwalificeerbaar
  • Kosten van ziekteverzuim leraren. Sick-building klachten, burn-out
  • Kosten van bijlessen voor kinderen die veel meer last hebben van ADHD-achtige verschijnselen en concentratieproblemen
  • Kosten voor bestrijding obesitas bij kinderen
  • Maatschappelijke kosten en gezondheidsproblemen op de lange termijn
  • Daarnaast is het zo dat de innovaties in bijvoorbeeld gezonde materialen veel bereikbaarder worden als er vraag naar is. Hoe meer gezonde gebouwen, hoe betaalbaarder de oplossingen om ze te realiseren

Iedereen een rol

In de transitie naar gezonde scholen heeft iedereen een rol.

Gemeentes kunnen gezonde schoolgebouwen prioriteit geven en zodra een gebouw aan vernieuwing toe is. Ze kunnen eisen dat het project wordt uitgevoerd als een gezond (ver)bouwproject. Het is een kwestie van de juiste vragen stellen aan de architecten, de bouwers en de leveranciers van materialen.

Schooldirecties kunnen hun wethouders en ambtenaren erop aanspreken dat ze in een gezond gebouw veel betere prestaties kunnen neerzetten. Schooldirecties kunnen zich verenigen om de Minister van Onderwijs attent te maken op gezondheidseisen aan schoolgebouwen

Leerkrachten kunnen zich verenigen met elkaar en met ouders. Zij kunnen eisen stellen aan hun directies, gemeentes en ministerie.

Architecten en bouwers kunnen gezond bouwen omarmen en de oplossingen praktisch toepasbaar maken. Het zijn ook jullie kinderen die een gezond schoolgebouw verdienen!

Producenten kunnen business cases ontwerpen voor de werkwijzes en materialen die bijdragen aan gezonde gebouwen.

Ouders kunnen de discussie over gezonde schoolgebouwen aanwakkeren binnen hun school en gemeente.

Kinderen kunnen hun stem laten horen naar hun ouders en iedereen die het maar horen wil. Gezien de vele acties voor het klimaat zijn zij zich steeds bewuster dat we een andere keuzes moeten maken in de wereld. En een gezond schoolgebouw draagt daar fors aan bij!

Conclusie

Gezonde schoolgebouwen moeten we prioriteit geven in onze bebouwde omgeving. Onze kinderen zijn de toekomst. En gezonde scholen leveren een belangrijke bijdrage aan hun gezondheid. Gezonde scholen zijn mogelijk en er zijn voorbeelden die bezocht kunnen worden.

Iedereen heeft een rol om gezonde scholen normaal te maken. Praat erover met elkaar. En (ver)bouw ze dan! Liever vandaag dan morgen.


Geschreven door: Desiree Driesenaar | Foto via: De Zuidstroom

Viersen/ Venlo, 09 juli 2020

Een gezond gebouw bestaat uit veel meer dan alleen maar gezonde materialen

Goede akoestische omstandigheden zijn een belangrijke voorwaarde voor ons welzijn, onze productiviteit en uiteindelijk onze gezondheid. Immers, in ons privé- of beroepsleven worden we dagelijks blootgesteld aan veel verschillende bronnen van lawaai of zelfs geluidsoverlast. Sommige daarvan nemen we bewust waar, andere alleen onbewust. Dus waarom het de moeite waard is om dit onderwerp te behandelen en wat u eraan kunt doen, komt u in dit artikel te weten.

Bouwakoestiek

In bouwakoestiek wordt onderscheid gemaakt tussen twee gebieden: Bouwakoestiek en omgevingsgeluid. Onder bouwakoestiek verstaan we ruimteakoestiek, luchtgeluidsisolatie, contactgeluidisolatie en installatiegeluid.

  • Geluidisolatie heeft betrekking op de akoestische eigenschappen van bouwcomponenten, systemen en materialen met betrekking tot de verspreiding en overdracht van geluid tussen verschillende ruimtes in een gebouw. Essentiële geluidisolerende eigenschappen van een gebouw worden bepaald door het ontwerp (en detaillering) van de ruwbouw en de gebruikte bouwmaterialen. Binnen geluidisolatie wordt zowel luchtgeluid als contactgeluid beschouwd.
  • Ruimteakoestiek houdt zich bezig met de aspecten van de geluidsverspreiding binnen een omsloten ruimte. Het gaat hier om gewenste aspecten als spraakverstaanbaarheid en de bescherming tegen geluidoverlast door (lawaai)bronnen binnen dezelfde ruimte. Hierbij spelen ook de afwerkingen en de vorm van de ruimte een rol. Rekening houdend met het beoogde gebruik worden ruimtes akoestisch geoptimaliseerd door specifieke toepassingen zoals geluidsabsorberende plafond– of wandsystemen.
  • Installatiegeluid richt zich voornamelijk op het voldoende beperken van geluiden door technische installaties, zodat gebouwgebruikers geen hinder ondervinden.

Lawaai

Lawaai is een belangrijke factor als het gaat om de effecten van geluid en akoestiek op het menselijk lichaam. Lawaai wordt gedefinieerd als “ongewenst of storend geluid” dat de normale activiteiten zoals werk, slaap en communicatie verstoort. In sommige gevallen kan lawaai schadelijk zijn voor het gehoor, maar dit hoeft niet altijd zo te zijn. Geluid-gerelateerde verstoringen (afleiding) kunnen leiden tot een verscheidenheid aan beperkingen, zelfs als de geluidniveaus relatief laag zijn. Naast mogelijke communicatiebarrières kan afleiding ook de prestaties en uiteindelijk de gezondheid van de gebruikers beïnvloeden.

Menselijke prestaties en gezondheid

Lawaai op de werkplek kan het risico op ongevallen verhogen en de prestaties van werknemers beïnvloeden, vooral bij het uitvoeren van moeilijke en complexe taken. Wanneer stresshormonen zoals adrenaline en noradrenaline vrijkomen, reageren we met stress en prikkelbaarheid, en ervaren we meer ongemakken.

Verschillende studies hebben aangetoond dat blootstelling aan lawaai de functie van veel interne organen en systemen van het lichaam verandert. De gevolgen hiervan kunnen zijn: een verhoogde bloeddruk en veranderingen in de hartslag. Wanneer een kantoorgebouw is uitgerust met voorzieningen die gebruikers beschermen tegen ongewenst geluid is het gemiddelde aantal ziektedagen aantoonbaar lager. Dat maakt het economisch rendabel, omdat personeelskosten de grootste kostenpost van een organisatie zijn.

Bewustwording creëren

Een gebouw moet worden ontworpen en uitgerust om ervoor te zorgen dat het stress reduceert en de gezondheid bevordert. Om dit te bereiken zijn er veel oplossingen beschikbaar. In de komende weken zullen we u meer in detail uitleggen welke mogelijkheden dit zijn en wat helpt bij bestaande gebouwen.


Bronnen Akoestiek

Foto: Tirachard Kumtanom via Pexels

 

Viersen, 03 juli 2020

Een gesprek met Maximilian F. Schmitz, eigenaar van het planbureau SmartRaumProjekt.

Goede akoestiek

‘Op basis van mijn jarenlange luisterervaring als persoon, muzikant en docent aan de universiteit heb ik gemerkt dat het onderwerp akoestiek niet de aandacht krijgt die het verdient’, zegt M.F. Schmitz. ‘Als je je voorstelt dat je je ogen kunt sluiten als je onaangename dingen ziet, maar je kunt je oren niet eens sluiten als je slaapt, lijkt het ineens heel logisch dat er meer aandacht moet worden besteed aan dit zintuig – het gehoor.’

Dagelijkse ervaringen in grotere openbare ruimtes, in kantoren en praktijken van allerlei aard hebben M.F. Schmitz aan het denken gezet. Waarom voelt hij zich ineens zo gestrest in deze alledaagse situatie? Waarom is hij veel meer uitgeput na een dag werken in een lawaaierige omgeving? Ook het ervaren van mensen met een slecht gehoor in een ongunstige akoestische omgeving op een beperkte of hulpeloze manier heeft hem gedreven.

Een goede akoestiek speelt dus een rol op vele gebieden: Op kantoor, waar je in alle rust kunt denken en werken zonder storende achtergrondgeluiden van collega’s, telefoons en apparatuur. Bij de dokter, als je niet hoeft te vragen wat de dokter of zijn collega heeft gezegd, of als je niet hoeft te fluisteren omdat je uit eigen ervaring weet dat iedereen in de wachtkamer kan horen waar de knijper zit. En natuurlijk in gebieden waar veel mensen samenkomen, zoals foyers of restaurants. Op zulke plaatsen kan men vaak niet ontspannen en praten omdat het te luid is. Maar dat is precies waar ze voor gemaakt zijn, deze plaatsen van ontmoeting en genot.

Het gaat om de kwaliteit van het leven, want een goede akoestiek heeft een positief algemeen effect op het welzijn en de prestaties; een slechte akoestiek heeft het tegenovergestelde effect. Op basis van deze bevindingen is bijvoorbeeld DIN 18041 vastgesteld, die de hoorbaarheid van ruimtes in verband met het gebruik ervan beschrijft.

Het effect van ruimte-akoestiek op esthetiek

We vroegen M.F. Schmitz wat het effect van ruimte-akoestiek is op esthetiek. Hij zegt: ‘Eerst niets, helaas. Want, zoals we graag zeggen, het oog luistert. Maar ook in abstracte bouwontwerpen domineert het oog. Prestigieuze gebouwen worden gepland en gebouwd, waarvan de ontwerpen bedoeld zijn om de kijker te overtuigen. De visuele aspecten zijn duidelijk op papier, maar de akoestische aspecten niet. En dus is het vaak alleen als je naar ze kijkt dat iets helemaal niet werkt, namelijk de ruimte-akoestiek.’

Hij vervolgt: ‘Onze aanpak begint met de esthetische integratie van de ruimte-akoestische maatregelen. Dit klinkt nu een beetje bizar, maar het is volledig nuchter, omdat er met fysieke parameters wordt omgegaan. Alleen visueel coherent, in de beste verstandhouding met de klant en de omstandigheden. Mijn zus Sabine is verantwoordelijk voor de ontwerpaspecten. Ze is een uitstekende binnenhuisarchitecte. Daarom heeft zij een heel andere benadering van het onderwerp dan ik, een echte geluidsman, en we “kibbelen” graag over de details. Waar Sabine om esthetische redenen minder ingrepen in de constructie wil, wil ik er soms meer om akoestische redenen. Uiteindelijk resulteren de discussies niet in de kleinste gemene deler, maar in het grootste gemene veelvoud! Het samenwerken is leuk, de klanten zijn beter af en ze zijn tevreden. En dat is nog leuker!’


Foto: SmartRaumProjekt

 

Viersen, 23. juni 2020

Geachte dames en heren,

Met meer dan 60 deelnemers vond op 17 juni 2020 het tweede live webinar van ons project plaats. Het was de eerste keer dat we te gast waren bij een deelnemer van het netwerk. Namens het Healthy Building Network en het bedrijf Claytec willen wij de aanwezige bedanken voor hun deelname.

Klei is een van de oudste bouwmaterialen ter wereld en is vandaag de dag moderner dan ooit, ook al is het in het verleden enigszins naar de achtergrond verdwenen. De regionale beschikbaarheid en de fysieke en biologische eigenschappen, die een positief effect hebben op het binnenklimaat, maken het een perfecte grondstof voor gezond bouwen of renoveren.

Nadat voor deze dag oorspronkelijk een best-practice bezoek met een rondleiding door de productie was gepland, moest dit worden uitgesteld tot september 2020 vanwege de huidige regelgeving. Toch wilden we u de kans geven om meer te leren over klei als bouwmateriaal. Na een korte film waarin het onderwerp “bouwmaterialen van klei” werd geïntroduceerd, kregen de deelnemers de gelegenheid om hun vragen te stellen, die werden beantwoord door Ulrich Röhlen, marketing- en technisch manager bij Claytec.

Een Nederlandse samenvatting van het webinar zal zo snel mogelijk worden toegevoegd!

De actieve deelname en de overvloed aan vragen laten zien dat er een grote belangstelling is voor gezond bouwen en renoveren, en in dit geval vooral voor het bouwmateriaal klei. Daarom zullen we in de toekomst meer webinars aanbieden.

We hebben een opname gemaakt, zodat u op elk gewenst moment gemakkelijk bij de webinar kunt:

 

‘s-Hertogenbosch/ Venlo, 19 juni 2020

Stadskantoor Venlo is een voorbeeld gebouw op het gebied van een circulair  (Cradle to Cradle), groen en gezond bouwen, waar op voorhand een business case voor is gemaakt. Een business case die keek naar de Total Cost of Ownership (TCO) in plaats van de gebruikelijke terugverdientijden. Een pionierstap waarbij de gemeente Venlo samen werkte met BBN, Kraaijvanger, RoyalhaskoningDHV & C2C ExpoLAB om tot deze business case te komen.

Het stadskantoor is in 2016 in gebruik genomen, nu enkele jaren na de oplevering heeft de gemeente Venlo aan HEVO BV gevraagd om te onderzoeken of de business case ook dusdanig uitwerkte als vooraf was bedacht. Dit was voor deze partijen de eerste keer dat een business case als dusdanig werd opgesteld. Deze business case was niet perfect, maar wel een inspiratiebron en een goede eerste stap. Door deze business case en project te laten onderzoeken willen wij lessen hieruit trekken zodat in de toekomst elke keer een extra stap kan worden gezet op dit vlak.

HEVO geeft hierover aan: “Het is in de bouwsector ongebruikelijk dat er een uitgebreide evaluatie wordt gehouden. Hooguit gebeurt dit bij de afronding van de bouwfase. Een evaluatie waarbij de resultaten ui de exploitatiefase worden vergeleken met de voorspellingen in de ontwerpfase komt nog minder voor. Het is dan ook de prijzen dat het de gemeente Venlo met het project stadskantoor wel hier medewerking aan wilt geven. Dit is namelijk een enorm belangrijke bron om te kunnen leren en nieuwe projecten beter uit te kunnen voeren”.

Lessons learned:

  1. Maak een integrale business case, waarin alle relevante kostenelementen zijn opgenomen.
  2. Onderbouw de variabelen in de businesscase; Dit is nodig om achteraf de business case te kunnen verifiëren en controleren. Zorg ervoor dat je na een aantal jaren nog weet waar de gebruikte cijfers, de onderbouwing en redenatie waarom daarvan afgeweken is vandaan kwam, onafhankelijk van de betrokken personen. Denk hierbij aan de werkwijze van systems engineering. Zorg ervoor dat brongegevens en bronverwijzingen zijn opgenomen.
  3. De business case van stadskantoor Venlo (daterend van voor 2016) vergeleek een referentie gebouw met het stadskantoor Venlo op water en energie (1% van de werkgeverslasten). Inmiddels zijn we alweer stappen verder en kan restwaarde van materiaal, productiviteit en ziekteverzuim (95% van de werkgeverslasten) ook worden meegenomen. Stadskantoor Venlo heeft bij vele mensen de ogen geopend dat de business case rondom gezonde en productieve medewerkers (90% van de werkgeverslasten), nog interessanter is dan alleen kijken naar de terugverdien effecten van sturen op energiebesparing, onderhoud en restwaarde van materialen.
  4. Zorg ervoor dat er een integraal document management systeem wordt toegepast, zodat alle informatie uit de bouw en exploitatiefase achteraf toegankelijk is. Ondanks dat alle informatie digitaal voorhanden is, blijkt deze snel verloren te gaan.
  5. Laat de complexe kostenramingen en terugverdientijden controleren door een onafhankelijke partij voorafgaand aan besluitvorming.
  6. Wanneer vergelijkingen worden opgesteld tussen een duurzaam gebouw en een referentiegebouw dienen complete gebouw-energie-kostenmodellen toegepast te worden. Vergelijkingen op onderdelen / deelsystemen zijn namelijk niet zomaar bij elkaar op te tellen. Inmiddels zijn dit soort systemen beschikbaar in de markt.
  7. Bij het maken van MeerJaren OnderhoudsPlannen (MJOP’s) dient de totale (geplande) levensduur van het gebouw te worden opgenomen. Na aanbestedingen van het onderhoud dienen deze aangepast te worden zodat ze aansluiten bij de werkelijke verwachte kosten. Deze dienen in de begroting van de organisatie op jaarbasis opgenomen te worden.
  8. Monitor en publiceer je werkelijke energiegebruikZorg dat het gehele energiegebruik bemeterd is voor de specifieke gebruiksdoeleinden. Beoordeel regulier het energieverbruik ten opzichte van het voorspelde verbruik en onderzoek wat de reden van het verschil is met mogelijke verbeteringen. Stuur actief op de realisatie van het energiebesparingsadvies.
  9. Misschien wel de belangrijkste conclusie: zorg ervoor dat er iemand binnen de organisatie verantwoordelijk is voor het integraal beheer van informatie (datamanagement) en het leren van het gebruik. Iemand die makkelijk toegang heeft tot de (exploitatie) gegevens en aan de bel kan trekken als er afwijkingen geconstateerd worden. Dit kan ook nog eens een positief effect hebben op kostenbesparingen.

Voor het stadskantoor Venlo geldt dat de resultaten van de business case op hoofdlijnen klopte. Wanneer men echter keek naar afzonderlijke posten waren er her en der wat verschuivingen, sommige positief en sommige negatief, waardoor de totale som overeenkwam met de voorspellingen. Door dit achteraf te laten onderzoeken wordt de organisatie in staat gesteld om tijdig zaken op te pakken. En… een glazen bol waarin de toekomst te voorspellen is bestaat helaas niet, maar door elke keer de business case van circulaire en gezonde gebouwen een stapje verder te brengen, worden we in staat gesteld een business case te ontwikkelen die de besluitvorming met betrekking tot gezonde en circulaire gebouwen positief kan beïnvloeden.

Meer weten? Vraag C2C ExpoLAB via Michel Weijers of zijn collega’s of HEVO (Willem Adriaanssen) via www.HEVO.nl


Klik hier voor meer informatie op de website van HEVO b.v.

Klik hier voor meer informatie op de website van Healthy Building Network

 

Venlo, 10 juni 2020

Hout is een beproefd bouwmateriaal en beleeft al enkele jaren een herleving, maar de grote doorbraak in onze regio vindt nog steeds niet plaats – en ten onrechte, want hout wordt vandaag de dag beschouwd als een zeer modern, veelzijdig en vooral milieuvriendelijk materiaal en komt nog steeds voor een groot deel uit de binnenlandse productie.

Maar waarom bouwen we nu nog hetzelfde als 100 jaar geleden? Dat vraagt architect Andrew Waugh zich dagelijks af. Het bouwproces is inefficiënt; één derde van de taken wordt dubbel uitgevoerd, maar liefst 50% van de bouwmaterialen wordt weggegooid en van het totale bouwbudget gaat 10% naar fouten die tijdens het proces worden gemaakt. En dan hebben we het nog niet eens over de negatieve impact op het milieu.

De huidige situatie

De huidige woningbouw behoort internationaal tot de meest vervuilende sectoren. Maar liefst 9% van de totale Co2 uitstoot wordt geproduceerd tijdens de productie van beton. Dat is meer dan de luchtvaart (3%). Om een deel van ons stikstofprobleem op te lossen, zal de bouwindustrie mee moeten innoveren.

Houtbouw als oplossing

Het bouwen met hout (CLT/Kruislaaghout) zou het stikstofprobleem kunnen terugdringen, al dan niet verhelpen. Bomen nemen stikstof op en houden dit vast (ook na het kappen). Hierdoor worden onze huizen een Co2 opslag. De toegenomen vraag naar hout, bijvoorbeeld in de houtbouw, betekent dat er meer bomen moeten worden geplant. En meer bomen betekent meer CO2-opslag. Er ontstaat zo een vicieuze cirkel.

De vraag die dan opspeelt bij vele: hebben we dan wel genoeg bomen? Het antwoord is overduidelijk ja. Ten opzichte van beton, is er slechts de helft van het materiaal nodig voor houtbouw. Daarnaast vertelt Marco Vermeulen dat er in Nederland per jaar (in onbeschermde gebieden) nu 22.000 huizen ‘groeien’. In Finland groeit er zelfs iedere 14 seconden een nieuw huis. Ook Duitsland is goed gepositioneerd. Eén derde van het land is bos en heeft het grootste houtvolume van de hele EU. De productiebossen worden momenteel gebruikt voor laagwaardige producten, zoals pulp. Veel bossen zijn oude productiebossen, die het ecosysteem niet bevorderen en bijvoorbeeld bosbranden veroorzaken. Om te kunnen bouwen met hout, zullen meer bomen worden gepland. Het bouwen met hout zorgt daarom automatisch voor meer bossen.

Gezondheidsaspecten

Naast voordelen voor het milieu, heeft hout ook voordelen voor het klimaat in huis. Hout heeft namelijk een sterke isolatielerende werking (zie figuur 1). Daarnaast zorgt hout voor een stabielere luchtvochtigheid in huis.

Figuur 1. De isolerende werking van hout.

Verschillende wetenschappelijke studies hebben aangetoond dat het materiaal een kalmerend effect heeft op mensen en hun welzijn verhoogt bij gebruik binnenshuis. Maar het heeft ook een positief effect op de prestaties en het herstel. Een ander voordeel van velen: Bepaalde houtsoorten hebben een antimicrobiële werking. Zo sterven bijvoorbeeld ziektekiemen die typisch zijn voor ziekenhuizen sneller af op grenen kernhout dan op kunststof oppervlakken.

Een nieuwe kijk is noodzakelijk

Ondanks alle voordelen, lopen de houtbouwers tegen één probleem aan. Het vergt sociale verandering om consumenten en bouwbedrijven te overtuigen van het bouwen met hout. Om het haalbaar te maken, moet er schaalvergroting plaatsvinden. Echter hebben traditionele bouwbedrijven nog veel (financiële) belangen in het oude systeem. Dit vertraagt de overgang naar de nieuwe standaard: houtbouw!

Dit artikel is grotendeels gebaseerd op de aflevering ‘Houtbouwers’ van VPRO Tegenlicht. Mocht u meer informatie willen, kunt u deze documentaire bekijken via onderstaande link:

https://www.vpro.nl/programmas/tegenlicht/kijk/afleveringen/2019-2020/houtbouwers.html

Andere bronnen die gebruikt zijn, vindt u hier.

 

 

Venlo, 04 juni 2020

Hoe beïnvloedt de verhuizing naar een gezond gebouw de gezondheid van de mens?

Prof. Dr. Piet Eichholtz is in 2016 samen met Dr. Nils Kok Msc en Juan Palacios Msc een onderzoek gestart naar aanleiding van de verhuizing van medewerkers van Gemeente Venlo. Met het onderzoek ‘Moving to productivity’ wordt geanalyseerd hoe de veranderingen in de verschillende binnenklimaten bijdragen aan de daling van sick building syndroom symptomen. Hierbij wordt er gekeken naar de situatie nadat de verhuizing heeft plaatsgevonden in vergelijking met de begintoestand voordat de medewerkers verhuisd zijn.

Bluehub heeft in samenwerking met C2C Expo LAB een factsheet gerealiseerd van dit onderzoek om een duidelijk beeld te geven wat een verhuizing naar een gezond gebouw met de medewerkers doet.

Het onderzoek van het team van Piet Eichholtz is verricht aan de hand van de volgende onderwerpen:

  • Luchtkwaliteit
  • Temperatuur
  • Geluid
  • Licht

Voor de verhuizing, in de zomer van 2016, heeft er een 0-meting plaatsgevonden waarbij de medewerkers van Gemeente Venlo op basis van de onderwerpen luchtkwaliteit, temperatuur, geluid en licht in hun kantoor een cijfer konden geven tussen 1 (zeer ontevreden) en 7 (zeer tevreden). Ook werd er gevraagd of de medewerkers last hadden van bepaalde ziektesymptomen die typerend zijn voor het sick building syndrome. Nadat een gedeelte van de medewerkers van Gemeente Venlo zijn verhuisd heeft ditzelfde onderzoek plaatsgevonden in de winter van 2016/2017, in de zomer van 2017 en in de zomer van 2018. Deze onderzoeken vonden toen plaats bij de medewerkers die verhuisd zijn naar het nieuwe Stadskantoor en bij de medewerkers die niet verhuisd zijn. Nadat de onderzoeken afgerond waren is er onderzocht of er een verband is tussen de tevredenheid van de medewerkers over hun kantoor en het verminderen van sick building gerelateerde klachten. En hier bleek een verband zichtbaar te zijn.

Uit het onderzoek kan onder andere geconcludeerd worden dat de luchtkwaliteit de belangrijkste factor is bij het voorkomen van sick building syndroom symptomen. Symptomen van het sick building syndroom zijn bijvoorbeeld hoofdpijn, keelpijn, droge ogen, concentratieproblemen, duizeligheid en een droge huid. Bij aanwezigheid van een slechte luchtkwaliteit neemt de kans op een sick building syndroom met 10 procentpunt toe. Daarnaast is geconcludeerd dat de verhuizing naar een gezond gebouw zorgt voor 42% minder sick building gerelateerde klachten.

Naast luchtkwaliteit zijn de medewerkers ook meer tevreden over de temperatuur en het licht in het kantoor. Het geluid is volgens de medewerkers hetzelfde gebleven. Dit is niet beter geworden, maar ook niet slechter. Een opvallende uitkomst, vindt Prof. Dr. Piet Eichholtz aangezien er in het nieuwe stadskantoor gebruik wordt gemaakt van veel open ruimtes, terwijl de medewerkers voorheen een eigen kantoor hadden dat ze met 1 à 2 personen deelden.

Op dit moment is er onderzoek gedaan via het invullen van vragenlijsten, maar in de nabije toekomst zullen de eerder genoemde onderwerpen ook nog onderzocht worden door middel van apparatensensoring. Maar op basis van de resultaten van het onderzoek dat onder andere is uitgevoerd door Prof. Dr. Piet Eichholtz is er een hypothese opgesteld:

Werknemers die werkzaam zijn in een gezond gebouw, zijn productiever en zullen minder ziektedagen opnemen vanwege sick building syndroom gerelateerde klachten. Verwacht wordt dat naar aanleiding van het onderzoek, het ziekteverzuim, gerelateerd aan sick building syndroom klachten, zal dalen met 1%. De gemeente Venlo betaalt jaarlijks €40.000.000 aan personeelskosten. Dat betekent dat wanneer het ziekteverzuim met 1% daalt, dit gelijk staat aan een productiviteitswinst van €400.000 per jaar.

Kijkend naar deze hypothese, is het voor bedrijven, los van de gezondheid voor haar medewerkers, ook financieel gezien erg voordelig om haar medewerkers te vestigen in een gezond gebouw.

Natuurlijk is het niet altijd mogelijk om direct over te gaan op een gezond gebouw. Het bouwen van een nieuw pand of een verhuizing gaat gepaard met een investering, die helaas niet altijd mogelijk is. Daarom willen we graag enkele tips delen om een gebouw healthy te maken.

1. (Natuurlijk) ventilatiesysteem
Een natuurlijk ventilatiesysteem zorgt ervoor dat er voldoende frisse lucht binnenkomt, waardoor de binnenlucht in beweging blijft.
2. Luchtbevochtiging
Verschillende sick building gerelateerde klachten hebben te maken met droge lucht. Door de lucht te bevochtigen zullen de klachten verdwijnen waardoor de medewerkers productiever worden.
3. Natuurlijke / onbewerkte producten
Wanneer er gebruik wordt gemaakt van natuurlijke en/of onbewerkte producten, dan zullen er minder toxische stoffen zich door de ruimte verspreiden die vervolgens door de medewerkers worden ingeademd.
4. Mogelijkheid tot het openen van ramen
Medewerkers vinden het erg prettig wanneer ze zelf de controle hebben of ze een raam open kunnen zetten.

Download hier de factsheet.

 

 

 

 

 

Venlo, 19 mei 2020

Healthy Building Network Enquête – Helpt u mee?

Wilt u meedenken over de toekomst van gezond en circulair bouwen en hoe daarbij een rol voor uw bedrijf is weggelegd?

Door het invullen van onderstaande enquête helpt u ons om meer inzicht te krijgen in de huidige situatie omtrent gezond bouwen. Op die manier kunnen we jullie beter informeren over de marktkansen en inzicht krijgen in voorbeelden die we graag breed onder de aandacht willen brengen in ons netwerk.

Meedenken kan via onderstaande link:

https://www.survio.com/survey/d/P0F8S3L7N9T9F4V4J 

Alvast bedankt!

Eva Starmans, C2C ExpoLAB

 

Foto: Pixabay via Pexels